| 1963-07-13 Dichten als ontdekken, als dienen en als graven. Poëzie van Peter Berger, Huub Oosterhuis en Wim Brinkman | |
|---|---|
| Dagblad De Tijd\De Tijd–Maasbode (vanaf 8.2.1956) 1963-07-13 groot zaterdag–artikel (meer dan ± 1800 woorden) | |
| opmerking | |
| *[3723]* Met portretfoto van Huub Oosterhuis. Over de (debuut)bundel van Brinkman is Fens slechts kort (en overwegend negatief). Uitgebreide aandacht voor de beide andere bundels; het werk van Berger wordt nogal traditioneel bevonden, voor het werk van Oosterhuis heeft Fens wel waardering, al is 'Kwam een vrouw het bospad af' hem niet geheel duidelijk geworden. – Uit alle werken een aantal citaten. | |
| Termen | |
| • Berger, Peter • Brinkman, Wim • debuut » debutant(en) » debuteren(d) » (BIJ TONEELRECENSIE OOK:) première • Fens: voorbehoud cq ambivalentie» teleurgesteld» kritisch» afwijzend» negati • foto (–'s) van auteur(s) » met foto van auteur(s) • geen nieuwe visie» geen nieuw (in–) zicht» geen nieuwe kennis cq nieuwswaarde • Groningen » Groninger » Gronings • modewoord » modieus begrip cq – modernisme » modetaal » SOMS: sociologenjarg • Oosterhuis, Huub [voorheen jezuïet] • religieuze poëzie » geestelijke dichtkunst • rijm » rijmen » eindrijm • roeping tot het dichterschap » (dienend) dichterschap als roeping • Teilhard de Chardin s.j., Pierre • Voeten, Bert | |
| Besproken publikaties | |